‘Het was leuk om met echte Duitsers te praten. Het vergt wat voorbereiding van beide kanten, maar erg leuk. De sfeer was echt alsof je in Duitsland was, maar dan in mini-vorm.’
‘Ik vond het aan het begin superspannend, maar als je dan even bezig was, was het wel leuk en gezellig, de mensen waren ook erg aardig [..].’
‘Ik vond Taaldorp als toets vorm wel leuk, omdat je met mensen uit Duitsland spreekt en omdat het voelt alsof je echt in een restaurant of een station bent.’
Deze reacties van derdeklassers geven goed weer wat Taaldorp inhoudt. Begin december was het weer tijd voor het jaarlijkse Taaldorp Duits. In de weken eraan voorafgaand oefenen de leerlingen gesprekjes in vijf realistische situaties die je op reis kunt tegenkomen. Wij streven ernaar om de leerlingen met zoveel mogelijk Muttersprachler:innen uit Duitstalige landen te laten praten. Niet alleen uit Duitsland, want Oostenrijk was dit jaar ook goed vertegenwoordigd. Dat betekent hier en daar ook wat verschil in uitspraak of zinsmelodie. Dat is leuk, want daardoor wordt het alleen maar realistischer. Het doel is dat leerlingen zich kunnen redden in het Duits en dat ze ervaren dat ze veel meer kunnen met Duits dan ze zelf denken. Dat lukt, de medewerkers zijn over het algemeen zeer te spreken over de uitspraak en de Schwung waarmee de derdeklassers praten.
Inderdaad kost het ‘wel wat voorbereiding van beide kanten’. Wij waarderen het enorm dat we elk jaar weer kunnen rekenen op de inzet van zoveel ouders en een vijfde klas leerling met een Duitstalige achtergrond die vol enthousiasme in de rol van medewerker van de Touristinformation, van politieagent, leeftijdsgenoot im Klub enz. kruipen.

